Genealogie

Rond 2000 begon ik met stamboomonderzoek. In die tijd begon de digitalisering van gemeente­archieven een vlucht te nemen, maar over de Mesman-clan was nog weinig bekend. Ook in de eigen familiekring wisten we weinig, vooral omdat er generaties lang weinig onderling contact was geweest. Daarom namen wij aan dat het om een klein gezelschap ging, waarvan de leden erg op zichzelf waren. Privacy en met rust gelaten worden leken wel een gemeenschappelijk trekje. Mijn vader was daar een duidelijke exponent van.

We wisten dat mijn vader twee broers met kinderen had, Kees (1929) en Dick (1924). Hun vader Jan (Johannes Casper) overleed in 1955 aan trombose. Mijn opa heb ik dus nooit gekend. Zijn vrouw Marie (Maaike Maria Blom) was afkomstig uit Streefkerk en woonde sinds haar trouwen met Jan in Dordrecht, waar ook de drie zoons geboren werden.

Mijn vader was de oudste, gedoopt Ludovicus Aegidius en was geboren in 1919 in Dordrecht. Zijn roepnaam was Louis en hij werd Loe genoemd. Een stille man die nooit terugkeek en niet van praten hield, dus als je hem vroeg naar zijn jeugdherinneringen, zei hij: ‘Dat weet ik niet meer, dat is zo lang geleden…”

In 1999 begon e-mail te landen in de samenleving en kreeg mijn vader een mail van een Canadees, Hank Mesman, met de vraag of zij wellicht familie waren. LA had geen idee en stuurde de mail naar mij door, kennelijk in de hoop dat ik daar iets mee kon. Niet dus, maar mijn interesse was gewekt. De speurtocht op internet die volgde leidde tot de conclusie dat er een Amsterdamse familie Mesman was die in geen enkele relatie stond tot de Dordtse stam, Hank was van de Amsterdamse stam, dus we waren geen familie.

Intussen leek het me wel interessant om eens een kijkje te gaan nemen in het gemeentearchief in Dordrecht, waar een actieve club van genealogieonderzoekers bleek te zijn, die ook graag wilden meehelpen om familieverbanden op te diepen via de burgerlijke stand en de doopregisters van de kerken, die grotendeels op microfiche werden bewaard en met een soort lichtbak tot leven konden worden gewekt. Dat vond ik toen wel een spannende bezigheid, zeker omdat alles nog nieuw was en elk feitje dat aan het licht kon komen, dus ook een nieuwe ontdekking.

In die tijd kwam het gratis stamboomprogramma Aldfaer voor Windows beschikbaar, wat een grote hulp is geweest. Ook weer ontwikkeld door een enthousiaste club van genealogiebeoefenaars met de juiste programmeerkennis om de digitalisering van familiegegevens laagdrempelig mogelijk te maken.

Een eerste interessante ontdekking was dat de Dordtse familie Mesman uit Rotterdam stamde. Dat leidde tot speurtochten in het Rotterdamse gemeentearchief. De tweede belangrijke ontdekking volgde: de Rotterdamse tak was ontstaan uit een stamvader die als matroos uit Friesland afkomstig was, uit Harlingen om precies te zijn. Nooit hadden wij geweten dat wij Friese roots hadden.

Via het stamboomonderzoek en de publicatie daarvan om genealogiewebsites kwam ik ook in contact met enkele andere onderzoekers en geïnteresseerden, waaronder familieleden waarvan ik het spoor bijster was en ook enkele familieleden waarvan ik het bestaan nooit vermoed had, zoals Frank Mesman van de Rotterdamse tak en Leni van ’t Hoff-Mesman van de Dordtse tak (beiden inmiddels overleden). Frank had de stamboom van de Rotterdamse tak in kaart gebracht en Leni was een enthousiast amateur-historicus, die de uitzondering op de regel bleek: zij was erg geïnteresseerd in de Dordtse familie en had daar heel veel wetenswaardigheden over verzameld.

Nu, ruim 20 jaar later, ben ik met pensioen en is het mogelijk om een reconstructie van de familie te maken die door veel feiten en bronnenonderzoek wordt gesteund, zodat er weinig twijfel meer is aan de geldigheid van de gepresenteerde gegevens. Verwijzingen vinden plaats via voetnoten. Waar er nog onduidelijkheid of onzekerheid is, zal ik dit expliciet vermelden.

Inmiddels zijn ook veel meer archieven digitaal ontsloten en zijn ook mijn eigen onderzoeksgegevens toegevoegd aan vele genealogische websites en databases op internet. Vaak zal als bron dus mijn naam, Max Mesman, worden vermeld, en dan wordt gerefereerd aan het eigen onderzoek in de gemeentearchieven.

Aan het eind van dit overzicht volgt een verantwoording van de gebruikte gegevens.

Rest mij om iedereen te bedanken die actief of passief een bijdrage hebben geleverd aan de totstandkoming van dit familieonderzoek.

De grote lijnen

Het voorgeslacht Mesman bestond uit eenvoudige mensen. Daarom is er ook weinig over hun persoonlijke leven bekend. We zullen hun levens dus in de context van de algemene omstandigheden uit die tijd moeten plaatsen. De meeste geslachten woonden in havensteden, eerst Harlingen in Friesland, daarna in Rotterdam en Dordrecht in Zuid-Holland.

Hendrik Caspersz (Mesman)

(Ca 1690-1741)

Harlingen, zeeman? Getrouwd met Catharina Groen, 3 kinderen.
Casper Hendrikx (Mesman)

(1719-?)

Harlingen, zeeman Getrouwd met Gijsberdina van der Wouden, 8 kinderen.
Julianus Aegidius Mesman

(1755-1825)

Jilles. Geboren in Harlingen.

Stadswerker te Rotterdam

Getrouwd met Pieternella Strijbos, 2 kinderen.
Casparus Mesman

(1786-1829)

Schoenmakersknecht. Geboren in Rotterdam, getrouwd en overleden in Amsterdam. Getrouwd met Josina Maria Eering, 4 kinderen.
Ludovicus Aegidius Mesman

(1823-1900)

Smid, geboren in Amsterdam, gewoond in Rotterdam, overleden in Breda Getrouwd met Catharina van Trijffel, 6 kinderen.
Johannes Casper Mesman

(1853-1922)

Smid. Geboren en overleden in Rotterdam, woonde in Dordrecht Getrouwd met Johanna van der Hoek, 10 kinderen.
Ludovicus Aegidius Mesman

(1874-1952)

Smid. Geboren in Rotterdam, woonde en overleden in Dordrecht Getrouwd met Carolina Jenneke Klok, 7 zoons.
Johannes Casper Mesman

(1896-1955)

Jan. Machinist bij GEB. Geboren, getogen en overleden in Dordrecht Getrouwd met Marie Blom, 4 kinderen, 3 zoons.
Ludovicus Aegidius Mesman

(1919-2007)

Louis. Geboren in Dordrecht, woonde in diverse plaatsen, overleden in hospice Rotterdam Getrouwd met Hans van Dalen, 2 zoons (1954 en 1958)
Max Mesman

(1958)

Geboren in Delft, woonde in diverse plaatsen, sinds 1985 weer in Delft. Getrouwd met Rina Molenaar, 2 zoons (1996 en 1999)

Verantwoording

Het schrijven van een familiegeschiedenis over meerdere generaties is een bijzondere ervaring. De laatste twintig jaar zijn veel historische archieven gedigitaliseerd, die gegevens bevatten van mensen die vroeger hebben geleefd. Vaak gewone mensen, die de geschiedenisboekjes niet hebben gehaald.

Vaak beginnen we met fragmenten en snippers informatie, die lijken op puzzelstukjes. Het enige wat nog ontbreekt, is een voorbeeld van hoe de puzzel er uiteindelijk gaat uitzien. Dus hebben we hulpmiddelen nodig en secundaire bronnen, zoals:

  1. De algemene kenmerken van een tijdvak, de tijdgeest van een periode of eeuw.
  2. De economische situatie en de machtsverhoudingen in die tijd.
  3. De beroepen die de mensen hadden, en wat we daarvan weten.
  4. Een schets van het dagelijks leven in het periode: wonen, werken, eten, familieleven.
  5. Hun vrijetijdsbesteding en vormen van vertier: de plezierige kanten van het leven.
  6. De positie van de mannen en de vrouwen en de bijbehorende normen, waarden, en omgangsvormen.
  7. De mobiliteit en de mogelijkheden om van de ene plaats naar de andere te komen.
  8. Het voorgeslacht en het nageslacht: ouders en grootouders, kinderen en kleinkinderen.

Burgerlijke stand ingevoerd door Napoleon

In 1811 riepen de Fransen de burgerlijke stand in Nederland het leven met de dienstplicht als belangrijk achterliggend doel. De eis dat iedereen een familienaam moest hebben en de registratie van geboorten, huwelijken en overlijden plaatsvond in door de over­heid beheerde akten, maakten het gemakkelijker om jonge mannen persoon voor de dienst­plicht op te roepen. Aan de hand van de registratie van geboorten ging een ambtenaar na of de leeftijd van de ingeschre­ven jongens klopte en of er leeftijdgenoten waren die hadden verzuimd. Zowel met de invoering als bij het beheer van de burgerlijke stand deden zich de nodige problemen voor.

In 1811 moesten de kerken hun doop-, trouw- en begrafenisregisters (DTB) overdragen aan de plaatselijke overheden, die de registers daarop gebruikten om er hun gemeentelijke burgerlijke stand op te zetten. De ambtenaren waren afhankelijk van de medewerking en nauwkeurigheid van de kerk­besturen. Die gaven echter traag en met tegenzin gevolg aan de verzoeken van de burgemees­ters. Het ging dan ook niet om een paar documenten.

In tegenstelling tot de burgerlijke overheid hadden de kerken tijdens het Ancien Régime hele boek­werken bijgehouden voor de registratie van hun lidmaten. Veel Nederlanders hadden bij de invoering van de burgerlijke stand al een achternaam. Dat de oorsprong van familienamen in de eerste plaats ligt bij de burgerlijke stand van Napoleon, is een verkeerde voorstelling van zaken.

Waar komt de naam Mesman vandaan?

Oude varianten zijn: Meersman: Meerman(s), Merman(s), Merremans, Me(e)remans, Meir(e)man(s), De Meerman. Beroepsnaam: meerman (=zeeman).

Aangezien er nog geen burgerlijke stand is met standaard achternamen, komen allerlei varianten ook binnen de familie van Jilles voor, zoals bij de doop van zijn oudere broer Johannes:

Harlingen, dopen, doopjaar 1752

Dopeling: Joannes

Gedoopt op 16 oktober 1752 in Harlingen

Kind van Casper Hendriks Meersman en Geysje Tjammes van der Mas

Aanwezig: Gerrit Jansen Meersman

De combinatie van voornamen Johannes Casper, die later om de generatie terugkomt, is waarschijnlijk ontstaan bij een combinatie van de voornamen van vader Casper Hendriks en deze broer Joannes.